10 nephoezen van bands die helaas niet bestaan

Vaak hoor of lees ik iets, een woord, een paar woorden of een zin, waarvan ik denk: dat zou nou een leuke naam zijn voor een band, of een mooie songtitel. Tot voor kort zakten die ideeën meestal weer weg in de vergetelheid. Maar sinds er AI bestaat, is er bij zo’n idee ook vrij snel en makkelijk een platenhoes te toveren.

Een aantal (fictieve) elpeehoezen op een houten tafel naast een ouderwetse platenspeler
Denkbeeldige collectie

Ik dacht eigenlijk dat het een vrij zeldzame eigenaardigheid was, dat gefantaseer over fictieve bands en albums. Maar een simpele zoekopdracht leert dat er hele communities bestaan rond het thema fake album covers. Nou, dan kan ik er natuurlijk ook best een blogpost over schrijven. Hierbij dus een keuze uit mijn collectie nephoezen: tien denkbeeldige bands en artiesten waarvan je zou willen dat ze echt bestonden.

The Obnoxxious

Elpeehoes van punklegendes The Obnoxxious
The Obnoxxious: uitvinders van de punk

“Obnoxious” is een van de mooiste woorden van de Engelse taal. Je hoeft eigenlijk nauwelijks Engels te spreken om aan te voelen wat het betekent: irritant, aanstootgevend, weerzinwekkend. Een perfecte naam voor een punkband.

The Obnoxxious, opgericht in 1971 in een tochtig opslaghok van een kebabzaak in de Londense wijk Brixton, waren het grote voorbeeld voor de Sex Pistols. Provocerende teksten, schreeuwerige zang, ruige gitaren, hanekammen, veiligheidsspelden, gescheurde kleren, The Obnoxxious waren eigenlijk overal het eerste mee. Maar omdat ze niet zo’n goede manager hadden als de Sex Pistols is hun rol in de punkgeschiedenis altijd wat onderbelicht gebleven.

Uiteindelijk heeft de band slechts één elpee en een paar singeltjes uitgebracht. Toen het grote succes uitbleef gingen de vier bandleden ieder hun eigen weg. Zanger Ronnie Rancid raakte aan de drugs, bassist Nasty Nick koos toch maar voor een brave kantoorbaan, drummer Billy Vomit ging architectuur studeren, gitarist Toxic Freddie leerde echt gitaarspelen en ging experimentele jazz maken. Maar het blijft leuk om af en toe hun plaat op te zetten en luidkeels mee te blèren met klassiekers als UK Sucks, Fascist Motherfuckers en Asshole Anarchy.

The Coming Men

Fictieve hoes van een LP van de al even ficitieve IJslandse formatie The Coming Men
The Coming Men: onopvallende urgentie

Het IJslandse singer-songwriterstrio The Coming Men ontstond eind jaren negentig, ver weg van de Reykjavikse scene, in een klein plaatsje met 10.000 inwoners, genaamd Akureyri. Dat is trouwens wel meteen de tweede stad van het land, doch dit terzijde.

Jón Siggarðurson, Gunnar Þórðurson en Tjörfi Þjóðgeirson waren elk afzonderlijk te introspectief om solo door het leven te gaan, maar maakten samen precies genoeg rumoer om het als groep aan te durven. Hun muziek meandert tussen fluisterende folk, minimale elektronica en harmonieën die klinken alsof ze net uit de permafrost zijn ontdooid. De luisteraar krijgt als vanzelf visioenen van bedauwd mos, kabbelende beekjes en warme bronnen.

De liedjes van The Coming Men gaan zelden ergens over, maar meestal ergens langs: gletsjers die zich terugtrekken zonder afscheid te nemen, brieven die nooit zijn verstuurd, en toekomstverwachtingen die beleefd worden uitgesteld. Op het podium wisselen de leden instrumenten, talen en blikken van lichte verwarring uit, terwijl ze zingen met stemmen die elkaar net niet overlappen, alsof samenzang een morele keuze is.

Hun doorbraakalbum Keep Coming verscheen in 2001 en werd geprezen om zijn “onopvallende urgentie”. Sindsdien brengen ze met lange tussenpozen platen uit. De band is nog altijd actief, al blijven details schaars: optredens worden vaak pas bevestigd als ze al hebben plaatsgevonden. Zoals ze zelf zeggen: The Coming Men zijn nooit te laat — de wereld is gewoon vaak te vroeg.

Sodom and Gomorra

Hoes van de enige elpee van het legendarische, helaas niet bestaande soul/funk/dico-duo Sodom and Gomorra
Sodom and Gomorra: cultstatus

De jaren zeventig waren een goede tijd voor mannelijke duo’s: Simon & Garfunkel, Seals & Crofts, Hall & Oates. Bij het grote publiek zijn Sodom & Gomorra iets minder bekend, wat er waarschijnlijk ook mee te maken heeft dat ze maar één elpee uitbrachten. Maar die plaat uit 1979, The Night The City Burned, vol met stomende funk, moddervette soul en broeierige disco, geniet onder kenners wel een cultstatus.

Bij de opnamen van het tweede album kregen Jack Sodom en Winston Gomorra slaande ruzie, naar verluid over het aantal suikerklontjes in Winston’s koffie, maar waarschijnlijk speelden ook muzikale meningsverschillen een rol. Die tweede plaat kwam er dus nooit en sindsdien hopen fans op een reünie. Maar aangezien de beide heren intussen tegen de tachtig zijn, dringt de tijd.

Ultra Cool Dwarfs

Elpeehoes van de ficiteve Keltische postpunkband Ultra Cool Dwarfs, getiteld Mildly Apocalyptic
Ultra Cool Dwarfs: ondergewaardeerde Keltische postpunk

De Keltische postpunk van Ultra Cool Dwarfs wordt door kenners gezien als de missing link tussen The Pogues, The Waterboys en The Dropkick Murphys. Het drietal kent elkaar van hun studie aan de universiteit van Dublin, die ze tot op heden niet afgemaakt hebben. Frontman Sean O’Rourke studeerde er astronomie, wat de inspiratie vormde voor de bandnaam. Een ultra cool dwarf is namelijk een soort ster, die inderdaad voor een ster vrij koel is, al kan het er nog altijd zo’n 2400 graden Celsius worden.

Waar folk meestal naar het verleden kijkt en punk naar de toekomst schreeuwt, blijft Ultra Cool Dwarfs koppig in het heden staan. Hun geluid bestaat uit opzwepende ritmes, schurende bassen en melodieën die verdacht veel lijken op traditionele ballades of op punksongs waar per ongeluk een viool in is beland. Doedelzak, banjo en pennywistle worden door de drie muzikanten net zo makkelijk bespeeld als gitaar, bas en drums, wat een spannende en eclectische sound oplevert.

De teksten balanceren tussen politieke ergernissen, te kleine hotelbedden, Ierse huurprijzen en objecten met een lage massa maar een disproportionele zwaartekracht. Ook thema’s als arbeid, zeevaart, nationale identiteit en structurele misverstanden in pubs keren regelmatig terug. Maar bovenal worden hun teksten, en eigenlijk alles aan de band, gekenmerkt door een overmaat aan humor, ironie en zelfrelativering, wat alleen al blijkt uit het feit dat alle drie de Dwarfs langer zijn dan 1.90 meter.

Na hun eerste album, Mildly Apocalyptic uit 2007, begon de band een promotietour langs middelgrote zalen, kleine festivals en bomvolle pubs, in Ierland en ver daarbuiten. En daar zijn ze in feite nooit mee opgehouden.

Live-optredens van Ultra Cool Dwarfs worden gekenmerkt door een gevoel van collectieve verwarring: het publiek weet niet of het moet dansen, meezingen of nadenken. Vaak gebeurt alles tegelijk. De band lijkt dat niet alleen toe te laten, maar actief aan te moedigen, door nummers halverwege van tempo te laten wisselen of tradities te citeren die niemand in de zaal helemaal kan plaatsen. Tijdens het onverbiddelijke hoogtepunt van al die concerten, het nummer Circumstellar Body Language, zijn zoveel romances ontstaan dat hun invloed op het Ierse geboortecijfer niet mag worden onderschat.

De doorbraak naar de echt grote zalen en stadions is altijd uitgebleven maar de band duikt consequent op in lijstjes met “ondergewaardeerde bands”. In die zin blijven Ultra Cool Dwarfs precies wat ze altijd waren: een noodzakelijke overgangsvorm tussen dronkenschap en discipline, tussen folk en postpunk. Na ruim twee decennia weigeren de Dwarfs pertinent om nostalgisch te worden, wat hen paradoxaal genoeg tot een vaste waarde heeft gemaakt.

Rickety Ramshackle and the Decrepits

Elpeehoes van Rickety Ramshackle and the Decrepits, een fictieve bluesrockgroep uit Pine Bluff, Askansas
Rickety Ramshackle: bluesrock uit Pine Bluff

Wat is het Engelse woord voor “gammel”? Toen ik het opzocht bleken er drie woorden zijn die ongeveer die betekenis hebben: rickety, ramshackle en decrepit. Een bandnaam werd me in de schoot geworpen.

Rickety Ramshackle and the Decrepits werd in 1987 opgericht door vijf stratenmakers in Pine Bluff, Arkansas. De band verwierf al snel enige bekendheid in de regio door hun energieke optredens en hun rauwe, gruizige, bluesy rammelrock. Toch is de doorbraak naar het grote publiek altijd uitgebleven. Alleen de titelsong van hun derde album, Wild and Wonky, werd in 1995 een bescheiden hit in de Billboard Hot 100. Maar de band bestaat nog steeds, al is van de oorspronkelijke bezetting alleen Rickety Ramshackle zelf nog over. Die eigenlijk Engelbert Puddlewick heet, maar daarmee maak je het echt niet in dit genre.

Lasagna Tortellini

Greatest hits album van de bloedmooie Italiaanse singer-songwriter Lasagna Tortellini (fictief, helaas)
Lasagna Tortellini: gelaagde teksten

Als je niets van de Italiaanse keuken weet zou Lasagna best een meisjesnaam kunnen zijn. En Tortellini komt in Italië, niet heel vaak maar toch, daadwerkelijk voor als achternaam. Dat brengt ons bij Lasagna Tortellini, een bloedmooie zangeres die vooral in de jaren negentig furore maakte met dromerige, orchestrale liedjes met filosofische, maatschappelijke en spirituele teksten, vaak met een feministische inslag. Gelaagde teksten inderdaad, die grap is vaker gemaakt. Haar bekendste nummers zijn Figlie della Terra, Senza Padrone en Giorni di Sale.

Als grootste inspiratiebron noemt ze, zoals eigenlijk iedere vrouwelijke singer-songwriter, Joni Mitchel, maar ook de invloeden van Kate Bush en Bonny Raitt zijn in haar muziek terug te horen. De laatste jaren doet ze het wat rustiger aan; ze treedt nog slechts incidenteel op en besteedt haar tijd vooral aan tuinieren op haar eilandje in de buurt van Napels. Of ze ooit nog eens in Nederland zal optreden is zeer de vraag maar ik zou zeker kaartjes kopen!

Minne Rispingen

Elpeehoes van de niet-bestaande Friese rockband Minne Rispingen
Minne Rispingen: noch altyd yn ‘e top twatûzen

Minne Rispingen was een band uit Bolsward die rond de eeuwwisseling, in het kielzog van Twarres en De Kast, probeerde door te breken met Friestalige rock. Bands uit de jaren zeventig en tachtig als Cheap Trick, Simple Minds en Bad Company waren hun grote voorbeelden. Maar hoewel ze in hun thuisprovincie elke zaal platspeelden wilde het landelijk niet echt lukken, waarschijnlijk omdat hun stevige gitaarsongs net niet radiovriendelijk genoeg werden bevonden door de dames en heren discjockeys.

Ook de eerste twee singles van hun derde album, Under it Sâlt fan ’e Tiid en It Lân dat Net Sliept, flopten. Waarna de band besloot dan toch maar het titelnummer Wat Oerbliuwt nei de Nacht, uit te brengen, de enige ballad op het album. En dat werd uiteindelijk hun grote, en enige, hit die sindsdien steevast in de top 2000 staat. Het nummer gaat over een liefde die begint als een one night stand maar die uiteindelijk een leven lang duurt. Gitarist/zanger Bauke Bosma schreef het voor zijn vriendin Baukje. Inderdaad, Bauke en Baukje, dat verzin je niet. Of, nou ja, toch wel.

In 2010 stopte Minne Rispingen, moe als ze ervan werden telkens maar weer dat ene nummer te moeten spelen. Heel af en toe komen ze nog bij elkaar voor een reünie-concert en okee, vooruit, dan toch maar…

The Carrington Event

Elpeehoes van een denkbeeldige obscure intellectuele gitaargroep uit de jaren zeventig genaamd The Carrington Event
The Carrington Event: visionair of…?

The Carrington Event werd in 1971 opgericht in een vochtige kelder onder een tweedehandsboekwinkel in Cambridge. De band ontleende haar naam aan de zonnestorm van 1859, een historisch feit dat zij steevast aanhaalden in interviews om tijd te winnen en vragen over de muziek te ontwijken. Muzikaal balanceerde de groep tussen cerebrale gitaarexercities, onregelmatige maatsoorten en lange stiltes die door de pers steevast werden omschreven als “moedig” of “verontrustend”.

Gitaristen Edgar Foggins en Lee Ditheridge speelden bij voorkeur in verschillende stemmingen, wat leidde tot composities die klonken alsof twintig bouwvakkers al hun gereedschap tegelijk gebruikten. De ritmesectie hield alles net bij elkaar, zij het vaak tegen wil en dank.

Hun debuutalbum Induced Currents in the Upper Atmosphere verkocht nauwelijks, maar werd wél volledig begrepen door drie muziekcritici en een natuurkundige uit Bath. Live-optredens waren zeldzaam en eindigden regelmatig voortijdig wegens “conceptuele redenen”.

In 1976 loste The Carrington Event geruisloos op. De gitaren zwegen, de magnetische storm trok voorbij, en niemand wist precies of de band nu visionair was of bezigheidstherapie voor intellectuelen.

Bereshit

Elpeehoes van de fictieve symfonische rockband Bereshit uit 1976
Bereshit: puberale symfonische rock

De late jaren zeventig, dat was de tijd dat ik met partner-in-crime Kees de ene na de andere symfonische rockband oprichtte. Kees speelde een heel klein beetje piano en ik speelde destijds nog geen enkel instrument, maar in onze jeugdige overmoed mocht dat geen obstakel zijn.

Bereshit is een Hebreeuwse naam; het is het eerste boek van de Torah. De naam is dan ook een duidelijke verwijzing naar Genesis. Later, nadat Phil Collins de macht gegrepen had, produceerde die Engelse band niet onverdienstelijke popdeuntjes maar de eerste incarnatie van Genesis, nog met Peter Gabriel en Steve Hackett, maakte behoorlijk symfonische en ingewikkelde muziek. En dat genre kon ons erg bekoren.

De klemtoon in Bereshit ligt op de tweede lettergreep. Maar met de klemtoon op de eerste lettergreep komt er een heel andere, meer dierlijke betekenis naar voren. Het leek ons, pubers die we waren, erg grappig om bij interviews consequent de correcte uitspraak te bezigen terwijl iedereen aan die andere betekenis dacht. Ik kwam er overigens pas onlangs achter dat de klemtoon op de derde lettergreep hoort. Enfin.

ASK

Elpeehoes van het debuutalbum van de fictieve symfonische rockgroep ASK getiteld The Seventh Treshold of Ultimate Becoming
ASK: vijftig jaar later

Bereshit ging al vrij snel uit elkaar maar we richtten korte tijd later gewoon weer een andere symfonische rockgroep op: ASK. En dat drieletterwoord was natuurlijk een opzichtige verwijzing naar twee andere grootheden uit die tijd: Yes en ELP (Emerson, Lake and Palmer)

Kees heeft het helaas niet meer mee mogen maken maar het doet me goed dat er na bijna vijftig jaar een hoes is voor de debuutelpee. En dat allemaal met dank aan kunstmatige intelligentie. De titel, The Seventh Treshold of Ultimate Becoming, is trouwens ook AI-gegenereerd.


Ik ga deze fictieve platenhoezen niet in mijn webshop zetten; daarvoor voelt dat AI-geknutsel toch te weinig als eigen werk. En ik claim ook geen auteursrecht op de namen of songtitels. Ik speel inmiddels een beetje gitaar maar voor een carrière in de muziek ontbreekt me de tijd. Dus als iemand nog een bandnaam of songtitel zoekt en hier iets van zijn gading vindt: wees mijn gast. Het zou toch leuk zijn om plotseling iets van Ultra Cool Dwarfs op de radio te horen of een aankondiging te zien van een concert van The Coming Men, vorige week in Paradiso. Of Wat Oerbliuwt nei de Nacht ineens op 1895 te zien binnenkomen in de top 2000.

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Spam-controle: * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.