30 jaar Erasmusbrug – Gaan met die Zwaan!
Op 4 september 2026 was het precies dertig jaar geleden dat koningin Beatrix de Erasmusbrug officieel opende. Een mooie aanleiding voor een blogpost gewijd aan Rotterdams bekendste stadsicoon, met historische bespiegelingen en persoonlijke herinneringen. En geillustreerd met een selectie uit de vele foto’s die ik in de loop der jaren van de brug maakte.

Identiteitscrisis
In de jaren tachtig zat Rotterdam in een identiteitscrisis. De binnenstad was na de oorlog herbouwd op een manier die veel mensen maar matig geslaagd vonden. Brede wegen, grote gebouwen, saaie kantoorwijken, weinig levendigheid.
En de haven, belangrijk bestanddeel van de Rotterdamse identiteit, trok steeds verder naar het westen. Uit het zicht vanuit de binnenstad. Leuk natuurlijk dat we de grootste haven van de wereld waren maar in het stadscentrum was daar steeds minder van te merken.

Kop van Zuid
De Binnenhaven, Spoorweghaven en Rijnhaven raakten steeds verder in onbruik. Verlaten kades en bedrijfsterreinen, lege loodsen en pakhuizen. Dat bood tegelijkertijd ook wel weer kansen: ergens in de jaren tachtig dook ineens het concept Kop van Zuid op. Het was de kans om het achtergebleven Zuid bij de stad te betrekken en ook om het centrum een sprong over de rivier te laten maken.

Uithoek
Toch was het in die tijd moeilijk om je een voorstelling te maken van wat er op die plek zou kunnen ontstaan. Vooral de Wilhelminapier was een moeilijk bereikbare uithoek waar bijna niemand ooit kwam. Ik heb er rond 1990 nog eens gesolliciteerd bij een architectenbureau dat zich had gevestigd in een van de oude loodsen. Het was een heel eind lopen van metrostation Rijnhaven, slalommend door een, in mijn herinnering, bijna post-apocalyptisch havenlandschap.

Sceptisch
De enige manier om dat desolate gebied bij de stad te betrekken was een nieuwe oeververbinding. Een nieuwe brug in het verlengde van de Coolsingel, die dan ook de werktitel Coolsingelbrug kreeg. Riek Bakker, Directeur Stedenbouw en Volkshuisvesting, maakte zich er sterk voor en kreeg een heleboel mensen mee.
Maar er waren ook veel sceptische reacties. Was Rotterdam niet al spectaculair genoeg, met de Maas en de zich ontwikkelende skyline? Moest de stad niet eerst de binnenstad wat levendiger en gezelliger maken voor er geld gestoken werd in allerlei buitengebieden? En de bewoners op de kop van het Noordereiland waren ook al niet blij met iets nieuws in hun uitzicht.

Ontwerpen
Uiteindelijk werd dat debat gewonnen door de voorstanders van de brug. Maar daarmee was er natuurlijk nog geen ontwerp. Gemeente-architect Maarten Struijs ontwierp een vrij sobere “vierstokkenbrug”, met twee hoge en twee lage pylonen. Rob Lubbers van bouwbedrijf Hollandia Kloos kwam met een veel ambitieuzer plan: niet alleen een brug maar ook een eiland met hotel en congresgebouw. Dan zit de geknikte pyloon van Ben van Berkel, die het uiteindelijk geworden is, daar eigenlijk een beetje tussen in. Okee, het ontwerp van van Berkel was veertig miljoen gulden duurder dan de vierstokkenbrug van Struijs. Maar de brug is zo’n visitekaartje voor de stad geworden dat dat bedrag intussen wel terugverdiend is.

Erasmus
Toen de gemeenteraad in 1992 koos voor de naam Erasmusbrug moest ik, gek genoeg, een beetje wennen. Maar Desiderius Erasmus Roterodamus is in feite de best denkbare naamgever voor de brug. Rotterdams beroemdste inwoner aller tijden, die vijfhonderd jaar geleden al pleitte voor vrijheid, vrede en tolerantie. Dat is toch iemand waarmee je je als stad wel mee wil identificeren.

Bouw
De pyloon werd gebouwd op een werf in Vlissingen. Liggend op een ponton maakte het gevaarte de reis naar Europoort, waar het door een nog veel grotere kraan rechtop getakeld werd. Daarna werd de reis voortgezet over de Nieuwe Waterweg en de Nieuwe Maas. Samen met mijn OMA-collega’s keek ik, vanuit ons kantoor aan de Boompjes, toe hoe de pyloon op zijn plaats gevaren werd.
In de maanden erna zagen we het elegant golvende brugdek langzaam aangroeien. Een voor een verschenen de tuien die het centrum metaforisch over de rivier naar Zuid zouden gaan trekken. Aan de andere kant van de pyloon werd de enorme klep van de basculebrug geplaatst.

Opening
Op 4 september 1996 werd de Erasmusbrug dus officieel geopend. Koningin Beatrix liep als eerste over de brug van noord naar zuid. Driehonderd schoolkinderen rolden van twee kanten een lint uit om noord en zuid symbolisch met elkaar te verbinden. En een week later was er een brunch op de brug voor 5000 Rotterdammers.
Vanaf dat moment had de brug zich een plek verworven in het hart van de stad. Als connectie tussen een steeds vitaler wordende binnenstad en een minstens zo interessante tegenpool op de zuidoever. Rotterdam was definitief een stad op twee rivieroevers geworden. En die identiteitscrisis, die is voorgoed verleden tijd.

Kinderziektes
Er waren wel wat kinderziektes. Bij harde wind in combinatie met regen begonnen de tuien angstaanjagend te vibreren. Het elegant golvende brugdek dreigde daadwerkelijk te gaan golven. In november 1996 werd de brug zelfs uit voorzorg voor alle verkeer gesloten. Het werd onderdeel van de traditionele rivaliteit tussen Rotterdam en Amsterdam. De tuien van de Erasmusbrug versus het gras van de Arena.
Het probleem bleek uiteindelijk vrij eenvoudig op te lossen met extra dempers op de tuien. Maar nog maanden daarna werd ieder euvel breed uitgemeten in de media. Ik herinner me een krantenkop: “Weer problemen met Erasmusbrug”. Bleek het te gaan om een stoplicht op het Wilhelminaplein dat te lang op rood stond.

Evenementen
In de daaropvolgende decennia werd de Erasmusbrug een niet te missen decorstuk bij grote evenementen. De jaarlijkse marathon natuurlijk maar ook de Grands Departs van de Tour de France, hommes et femmes. Het Eurovisie songfestival, het nationale vuurwerk en de Wereldhavendagen. Tijdens de Dance Parade bleek dat de schokdempers ook werkten tegen de trillingen veroorzaakt door een dansende menigte. En bij The Passion zong Jezus, alias Danny de Munck, vanuit het topje van de pyloon, dat een metertje omhoog bleek te kunnen.

Zwaan
Hoewel Ben van Berkel bij de geknikte vorm van de pyloon de associatie had met havenkranen, wordt de brug in de volksmond wel De Zwaan genoemd. Ik gebruik die bijnaam eigenlijk nooit. Wel zag ik ooit op de brug twee zwanen. De een was waarschijnlijk tegen de tuien aangevlogen en lag dood op het wegdek, de ander was aan het treuren om het verlies van zijn of haar partner. Het was hartverscheurend.

Derde Stadsbrug
Inmiddels is er, meer dan dertig jaar na de planvorming voor de Erasmusbrug, opnieuw sprake van een nieuwe stadsbrug. Die zou moeten komen in de bocht van de Maas ter hoogte van de Kuip, tussen de Esch en de Veranda. En de geschiedenis herhaalt zich, want opnieuw klinken er sceptische geluiden en wil niemand een nieuwe brug in zijn uitzicht. En het blijft voor veel mensen moeilijk om zich voor te stellen wat het voor een stad betekent, zo’n nieuwe verbinding tussen twee wijken die voorheen niets met elkaar te maken hadden. Zelfs nu de Erasmusbrug heeft laten zien hoe fraai dat uit kan pakken.
Enfin, zo is het altijd gegaan. De Nieuwe Waterweg, de Singels, de eerste havens op Zuid: er is eerst jarenlang over gedebatteerd maar toen ze er eenmaal waren aangelegd, waren ze niet meer weg te denken. Zo gaat het misschien ook met de Kuipbrug. Als het maar minstens net zo’n mooie brug wordt als de Erasmusbrug. Ik wijd er graag in 2065 een blogpost aan.


